Ik heb geweldige
vrienden en zij hebben in hun tuin een vijver, Niet groot maar
wel heel mooi. Vol trots en met weinig woorden vertelde Guido
mij over zijn vijver en hij maakte mij enthousiast. Zijn vrouw
vertelde dat haar man helemaal leefde voor zijn vijvertje. Guido
gaf me een boek over vijvers en ik heb dit mee naar huis genomen
en heb er al heel vaak in zitten te studeren. Tot op een dag (al
enkele jaren geleden) ik de schop ter hand nam en een groot gat
achter in de tuin ging graven, O O O wat is me dat een
werk....MAAR....
Nu dan... vorig jaar
voor het eerst... heb een vijver in m'n tuin. Wat heb ik daar al
een plezier aan beleefd. En het verveelt nooit. Goudkarpers,
kikkers, salamanders en allerlei soorten insecten die in en bij
het water leven, uren kan ik er naar kijken. Wat ik schitterende
dieren vind, zijn libelles. Je weet wel, van die helikopters. Ze
vliegen voor- en achteruit, kunnen stilstaan in de lucht en als
ze op snelheid zijn, vliegen ze met een vaartje van dertig,
veertig kilometer per uur.
Soms leggen ze eieren in
m'n vijver. Dat doen ze vliegende: met kleine duikvluchten
schieten ze over het water en raken dan elke keer even het
oppervlak waarbij een ei wordt afgezet. De larven die daar
uitkomen, vind ik niet zo leuk. Het zijn echte monsters: groot
en zwart en het zijn vreselijke rovers. Het zijn totaal andere
dieren en ze leven ook in een heel andere wereld. Vier jaar lang
brengen ze door in het schemerdonker van het kleine vijvertje en
kruipen daar rond in de modder.
Maar na die vier jaar
klimmen ze langs een rietstengel naar boven en verdwijnen uit
het zicht van de overige vijverbewoners. Die is dood, denken ze,
want buiten het water is er geen leven mogelijk. En bovendien:
er is er nog nooit één teruggekomen, zeggen de vissen. Een
beter bewijs kun je toch niet bedenken!
Maar voor die larve gaat
er een hele nieuwe wereld open. Het leven gaat nu pas echt
beginnen. Er voltrekt zich een wonderlijke metamorfose: uit het
lelijke, zwarte monsterlijf komt een totaal ander diertje te
voorschijn: mooi van kleur, rank van lijf en met twee paar
prachtige vlies-dunne vleugels om te vliegen waarheen het maar
wil: in de zonneschijn en zonder beperkingen! Wat een wereld van
verschil! Het lege omhulsel valt terug in het water. De vissen
zien het en zeggen tegen elkaar: Zie je wel, dit is alles wat er
van 'm is overgebleven. Die is er geweest, die komt nooit meer
terug...
Ja, dat zijn zo wat
gedachten die in je op kunnen komen als je bij je vijvertje
staat te mijmeren. Gedachten over de twee levens van een libelle.
En dan mijmer ik nog
even verder. Ik moet aan Pasen denken. Pasen, het feest van het
voorjaar, het feest van het nieuwe begin. Eigenlijk gaat het bij
het Paasfeest ook over twee levens: het leven dat afsterft en
het nieuwe leven dat daaruit te voorschijn komt, het aardse
leven van nu, en het leven dat hierna komt. Zou dat eerste leven
ook niet een voorbereiding kunnen zijn voor het tweede, net
zoals bij de libelle?
Stel je voor dat het met
dit leven afgelopen zou zijn. Dan blijf je toch met de vraag
zitten waarom we met schade en schande zoveel hebben moeten
leren. En waarom we een geweten hebben gekregen. En een
herinnering waarin alles zo veilig bewaard blijft. Gebeurt daar
helemaal niks meer mee wanneer we aan het eind van dit aardse
bestaan komen? Wordt het allemaal automatisch gewist wanneer we
afscheid moeten nemen van dit leven? Of zou het toch allemaal te
maken hebben met wat hierna komt? Het kan haast niet anders.
Maar er is nog nooit
iemand teruggekomen wordt er gezegd. Weet je, dat is nou precies
waar het Paasfeest mee begonnen is: dat er wel Iemand terugkwam!
Al bijna twee duizend jaar lang herdenken christenen overal ter
wereld met Pasen namelijk dat Christus de dood overwon en
opstond uit het graf.
Wat mij betreft is Jezus
Christus daarom de enige die iets zinnigs kan zeggen over het
leven hierna. Want Hij kan dat doen uit eigen ervaring. En als
we Hem mogen geloven, dan is dit leven inderdaad een
voorbereiding op het leven waar we uiteindelijk voor bestemd
zijn. Daarom is het zaak om daar een goed gebruik van te maken
zolang we daar de kans nog voor hebben!
Klinkt het te mooi om
waar te zijn? Of te fantastisch? Ik heb daar eigenlijk niet
zoveel moeite mee. Want een beter alternatief heb ik nog niet
kunnen ontdekken. Het geeft me een geweldig perspectief. En het
maakt m'n leven zinvol. Zelfs nu ik wat ouder wordt. Het beste
komt nog en dat is een fascinerende gedachte!