NEDERIGHEID

(aflevering 6)


Mattheüs 4:12-25

 Toen Hij vernam, dat Johannes overgeleverd was, trok Hij Zich terug naar Galilea. En Hij verliet Nazaret en ging wonen te Kafarnaum, aan de zee, in het gebied van Zebulon en Naftali, opdat vervuld zou worden het woord, door de profeet Jesaja gesproken, toen hij zeide: Het land Zebulon en het land Naftali, aan de zeeweg, over de Jordaan, Galilea der heidenen: het volk, dat in duisternis gezeten is, heeft een groot licht gezien, en voor hen, die gezeten zijn in het land en de schaduw des doods, is een licht opgegaan. Van toen aan begon Jezus te prediken en te zeggen: Bekeert u, want het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomen. Toen Hij nu langs de zee van Galilea ging, zag Hij twee broeders, Simon, die Petrus genoemd wordt, en Andreas, diens broeder, een net in zee werpen; want zij waren vissers. En Hij zeide tot hen: Komt achter Mij en Ik zal u vissers van mensen maken. Zij nu lieten terstond hun netten liggen en volgden Hem. En vandaar verder gegaan zijnde, zag Hij nog twee broeders, Jakobus, de zoon van Zebedeus, en Johannes, zijn broeder, in het schip met hun vader Zebedeus, terwijl ze bezig waren hun netten in orde te brengen, en Hij riep hen. Zij lieten dan terstond het schip en hun vader achter en volgden Hem. En Hij trok rond in geheel Galilea en leerde in hun synagogen en verkondigde het evangelie van het Koninkrijk en genas alle ziekte en alle kwaal onder het volk. En het gerucht van Hem drong door tot in geheel Syrie; en men bracht tot Hem allen, die ernstig ongesteld waren, gekweld door allerlei ziekten en pijnen, bezetenen en maanzieken en verlamden, en Hij genas hen. En Hem volgden vele scharen uit Galilea en Dekapolis en Jeruzalem en Judea en het Overjordaanse.

 

 

 Jezus begint zijn bediening. Hij roept en vissers volgen Hem en laten alles achter. Sommigen waren in actie op zee en anderen waren nog in voorbereiding op de dingen die komen moesten. Jezus verkondigt het evangelie en tijdens de verkondiging geneest Hij vele zieken. Nu volgen hem niet alleen de vissers die op dat moment zijn discipelen zijn geworden maar ook vele scharen mensen. In deze tijd volg je niet zomaar iemand die denkt de wijsheid in pacht te hebben. We zijn nogal individualistisch ingesteld en volgen liever onszelf ook al houdt dat in dat we soms verdwalen in onze eigen onwetendheid. We verdwalen dan in trots, in leegte, in de hardheid en in een wereld vol van maskers wanneer je nooit zeker weet wie nu werkelijk wie is. In Jezus' tijd kon je iemand volgen die een bepaald gezag had verworven en die in ieder geval een hoop antwoorden had op een pak lastige vragen, iemand die in ieder geval had nagedacht over het leven en daardoor ook een rabbi, een meester was geworden. Kon je in de Middeleeuwen nog bij iemand in de leer komen om een bepaalde ambacht te leren vandaag de dag willen we allemaal meesters zijn van het leven. Maar hoe doe je dat zonder bij iemand in de leer te zijn geweest? Misschien waren het je ouders, goede leraren, bepaalde vrienden die je hebt ontmoet, goede boeken die je hebt gelezen. Je bent dan een bevoorrecht mens. Maar Jezus volgen is toch net wel even wat anders. Het vergt niet alleen een andere manier van denken maar juist een andere manier van levensstijl. Vandaag de dag willen we niet volgzaam zijn omdat dat nogal zwak schijnt over te komen op andere mensen. We luisteren liever naar onszelf, ook al leidt ons dat rechtstreeks een diepte in waar we nooit meer uit schijnen te komen.

 Nederigheid:
Heer ik wil mij vandaag onder uw autoriteit stellen. Ik ken niemand bij wie ik dat zou willen doen dan bij U alleen. Uw woorden zijn confronterend en U heeft waar gemaakt wat Uzelf heeft geleerd. U heeft overwonnen en bewezen de grootste te zijn. Help mij om in het juiste perspectief te kijken. Niemand is als U, niemand kent mij zoals U, niemand kan mij helpen behalve U. Help mij om op U te vertrouwen ook al beweert deze wereld iets anders. Zij gaat ten onder maar Uw woorden zullen nimmer vergaan, zo ook niet Uw liefde.